Go Different © 2009 | Gebruiksvoorwaarden

Wat is homoseksualiteit?
Homoseksualiteit is seksualiteit waarbij de partners van
hetzelfde geslacht zijn. Je kan spreken van homoseksualiteit als een jongen verliefd
wordt op een jongen of een jongen lichamelijk aantrekkelijk vindt of een jongen fantaseert
bij het masturberen of met een jongen vrijt. Ook als een meisje verliefd wordt op
een meisje, een meisje lichamelijk aantrekkelijk vindt enz… kan je spreken over homoseksuele
gevoelens of gedragingen. Voor meisjes kan je ook het woord lesbienne gebruiken.
Een
jongen of man met homoseksuele gevoelens of gedragingen wordt een homo genoemd, een
meisje met homoseksuele gevoelens of gedragingen een lesbienne. Maar hier wordt het
echter iets moeilijker. Is een jongen een homo als hij enkel van jongens droomt?
Is een meisje lesbisch als ze een keer met een meisje heeft gevreeën? Daar is geen
onbetwistbaar antwoord op. Er bestaan geen criteria om te bepalen wanneer iemand
nu “echt” homoseksueel mag genoemd worden.
Als je een meetlat neemt met aan de linkerkant
de personen met uitsluitend heteroseksuele gevoelens en gedragingen en aan de rechterkant
de personen met uitsluitend homoseksuele gevoelens en gedragingen, dan zijn ook alle
tussenposities mogelijk, maar je kan niet spreken van een homoseksueel vanaf het
midden: gevoelens en gedragingen kan je niet zomaar meten, seksualiteit is ingewikkelder
dan meetkunde.
Mensen willen meestal hun medemensen graag in een hokje steken, een
duidelijk etiket opplakken. Deze persoon (of de ene cultuur of sociale klasse of
periode uit de geschiedenis) zal vlugger het etiket homoseksueel bovenhalen dan iemand
anders (of een andere cultuur, sociale klasse, tijdsperiode) . uiteindelijk moet
iedereen voor zichzelf uitmaken of eventuele homseksuele gevoelens en gedragingen
belangrijk genoeg zijn om zichzelf homoseksueel te beschouwen.
Wie zowel homoseksuele
als heteroseksuele gevoelens heeft kan zich biseksueel beschouwen. Al deze groepen
kunnen we simpelweg afkorten tot het woord “holebi” (homo’s, lesbiennes & biseksuele).
Behalve dat partners van hetzelfde geslacht (kunnen) zijn, verschillen holebi’s niets
van hetero’s.
Sommige mensen hebben zwart of blond haar, anderen rood haar, maar dat
maakt die laatste geen totaal andere wezens; Net zo zijn holebi’s even gewoon als
hetero’s het grootste verschil is dat er minder holebi’s zijn dan hetero’s zoals
er ook minder roodharige zijn dan zwartharige.
Studie
Veel studie naar hoeveel precent van de bevolking holebi is, werd er nog niet
vaak verricht.
Een getal dat steeds opnieuw opduikt is 5% van de bevolking. Dat komt
uit het “Kinsey-rapport”, een groots opgezette enquête naar het seksueel gedrag van
de Amerikaanse blanke bevolking uit 1948 (het rapport uit 1953 over de vrouwelijke
bevolking leverde minder duidelijke; maar toch grotendeels gelijklopende resultaten
op).
Volgens Kinsey bleek 4% zich gedurende heel zijn of haar leven homoseksueel te
gedragen. Maar hoeveel duidelijke homo’s hebben in hun jeugdjaren niet eens met een
meisje gevreeën? Hoeveel vrouwen ontdekken hun lesbische geaardheid na jaren huwelijksleven?
Op
de vraag wie de laatste drie jaar overwegend homoseksuele tendensen vertoonde, leverde
een veel groter cijfer op: 13%. En dan was er nog 13% dat erotisch reageerde op andere
mannen, zonder tot lichamelijk contact te komen. Daarbij moet je dan nog bedenken
dat er in 1948 nog niet zo’n grote tolerantie was, wat altijd een boel oneerlijke
antwoorden met zich meebrengt. Wie beweert dat er ongeveer 20% holebi’s zijn heeft
meer gelijk dan wie verwijst naar het “mythische” getal 5%.
Allicht kan je er dus
vanuit gaan dat er minimaal 10% van de bevolking als holebi mag beschouwd worden.
Dat
betekent dat als je om je heen kijkt en je ziet 10 personen, dan zou één daarvan
een holebi zijn. Wanneer je 100 personen neemt, dan zouden er daarvan 10 holebi blijken
te zijn.
Velen hebben het moeilijk met deze cijfers, zij menen dat holebi’s “anders”
zijn. Dat je ze zou moeten voelen, zien, je zou “het” moeten kunnen waarnemen als
iemand holebi is. Dat is natuurlijk niet zo: holebi’s zijn verrassend “gewoon”.
Hoe gewoon is homoseksualiteit?
Homoseksualiteit is gewoon een variante op seksualiteit
zoals heteroseksualiteit er één is. Je kan dat vergelijken met andere genietingen.
De ene eet graag spruitjes, de andere niet? De ene vindt een blondje aantrekkelijk,
de andere een zwartharige. De ene wordt verliefd op iemand van hetzelfde geslacht,
de andere niet. De natuur zorgt steeds voor variaties. Met zijn cultuur kan de mens
de diversiteit bevorderen of tegenwerken, maar ze bijna nooit uitroeien. Het is in
elk geval onzinnig om homoseksualiteit onnatuurlijk te noemen.
Iedere persoon, ook
een holebi, is een onderdeel van de natuur. Seksueel gedrag tussen organismen van
hetzelfde geslacht komt tevens voor bij dieren. Niet allen in gevangenschap maar
ook in de vrije natuur. Het menselijk gedrag wordt mee bepaald door zijn cultuur
(zijn gewoonten, zijn morele regels, zijn “hogere” gevoelens); maar elke cultuur
is natuurlijk. Een cultuur ontstaat uit de natuur van de mens. Wat zoveel wil zeggen
als; cultuur komt niet van buiten de wereld. Enkel wie meent dat cultuur door een
buitenwerelds wezen aan de mens is geschonken, kan cultuur en natuur als tegengestelden
zijn door het toevoegen van morele onderdelen. Dat kan dan gebruikt worden om te
discrimineren. Op basis van hun morele waarden.
Homoseksualiteit is verder aanwezig
in bijna alle culturen, in alle periodes van de geschiedenis, in alle maatschappelijke
klassen.
De Egyptische farao Echnaton die zijn vrouw Nefertite verstoot voor de man
Semenkare, mannelijke tempelhoeren bij de oude culturen in het middenoosten, de Israëlitische
koning David die volgens de Bijbel door de liefde van Jonathan meer verrukt wordt
dan door de liefde van vrouwen, homoseksuele relaties tussen een knaap en een man
als onderdeel van de opvoeding in het oude Griekenland, de dichteres Sappho van Lesbos
die haar gevoelens voor meisjes bezingt, de Romeinse keizer Hadranus die de dood
van zijn jonge vriend Antinoüs betreurt door een erecultus in te stellen en in heel
zijn rijk te voorzien van massa’s beelden van zijn geliefden. Lijsten als deze zijn
eindeloos aan te vullen, maar bewijzen nog steeds hun nut voor wie holebi’s als iets
uitzonderlijks wil beschouwen.
Hoe vrijen holebi’s?
De beleving van relaties en seksualiteit door holebi’s verschilt
niet van de beleving door hetero’s.
Verliefde holebi’s hebben dezelfde gevoelens als
hetero’s die verliefd zijn: ze denken voortdurend aan hun uitverkorenen, en hebben
romantische dromen over samenzijn, ze willen zo veel mogelijk bij hun geliefde vertoeven,
ze vinden hun beminden vreselijk aantrekkelijk en worden door hem of haar aardig
opgewonden.
Wie dat niet kan begrijpen, is als een jongen die niet kan begrijpen dat
zijn kameraad liever spruitjes eet omdat hij zelf meer van wortelen houdt; of nog:
als een meisje dat niet kan begrijpen dat een jongen op haar verliefd is en dus niet
zoals zij op een meisje valt.
Wie zich niet kan voorstellen hoe holebi’s “het” doen,
is hoogstwaarschijnlijk iemand die in het eigen seksleven niet veel variatie kent.
Buiten de klassieke hetero coïtus. Dat is inderdaad het enige wat holebi’s niet kunnen
beleven. Maar ze missen het ook niet.
Homo zijn betekent dat je niet staat te popelen
om een vrouw te “penetreren”. Lesbisch zijn betekent dat je liever geen piemel van
een man in je vagina krijgt.
Holebi’s genieten van aanraken en van aangeraakt worden,
van kijken en bekeken te worden, van klaarkomen en iemand doen klaarkomen. Ze zuigen,
ze zoenen, ze strelen, ze likken, ze vingeren, ze bijten of ze knijpen al eens op
die plekjes die de meeste opwinding geven. Er bestaat geen vast scenario: iedereen
doet wel iets liever dan een ander.
Sommige homo’s vinden het leuk hun partner anaal
te penetreren of zelf gepenetreerd te worden. Maar andere vinden dat te pijnlijk
of gewoon niet leuk. Lesbiennes kunnen ook eens een vibrator gebruiken. (idem. Hetero).
Wat is de oorzaak van homoseksualiteit?
Waarom is Ann lesbisch en haar zus Els niet?
Over de oorzaak van homoseksualiteit is bijna niets met wetenschappelijke zekerheid
te zeggen. Er is veel onderzoek gedaan en er zijn een hele reeks hypothesen opgesteld.
De
geaardheid zou genetisch bepaald kunnen zijn en dus erfelijk. Deze visie is de laatste
tijd nogal populair. Er wordt nu eenmaal massaal naar genen en voor alles en nog
wat gespeurd. Het zou ook kunnen liggen aan een bijzondere hormonenproductie of een
speciale hersenstructuur. Naast deze verschillende biologische verklaringen zijn
er de psychosociale theorieën.
In de jaren ’50 maakten de “verleidingstheorie” opgang;
je wordt homoseksueel omdat je als jongere door een homoseksueel tot contact wordt
gedwongen. Nu wordt deze theorie niet meer ernstig genomen. Veel psychologen blijven
wel geloven dat het iets te maken heeft met:
- de vroegste ontwikkeling van het kind
-
de opvoeding van het kind.
Maar geen één van al deze theorieën heeft voldoende bewijskracht.
Het
lijkt er wel op dat homoseksualiteit in bepaalde mate gezinsgebonden is. Als in een
gezin een holebi voorkomt, is de kans zeer groot dat ook een andere kind uit dat
gezin holebi voorkomt. Dat bewijst uiteraard niet dat het erfelijk is. Broers en
zussen hebben niet alleen genen gemeenschappelijk, maar ook doorgaans hun opvoeding
en hun sociale omgeving. Ook het feit dat een kind vaak een voorbeeld vormt voor
een zus of een broer, dat kan ook een invloed hebben.
Het maakt weinig uit of homoseksualiteit
aangeboren of verworven zou zijn.
In beide gevallen is het een vaststaand gegeven
dat niet kan veranderd worden. Ook als een homoseksuele aanleg verworven zou zijn,
gebeurt dat hoogstwaarschijnlijk in de vroegste levensstadia en wordt ze daarom een
onuitwisbaar kenmerk van de persoonlijkheid. Het valt dus niet te veranderen tenzij
je de persoonlijkheid van die persoon wil veranderen. Misschien moeten we ons ook
wel de vraag stellen:
Waarom zou een homoseksuele zijn aanleg moeten veranderd worden?
De
vraag naar de oorzaak van homoseksualiteit is geen neutrale vraag. Het is een vraag
die gesteld wordt als men holebi’s wil gaan “genezen”. Het is dus een vraag die haar
belang verliest zodra men inziet dat homoseksualiteit geen ziekte is, maar gewoon
een variante op het seksueel gedrag. Veel holebi’s wijzen die vraag dan ook van de
hand als een “discriminerende” vraag: men vraagt toch ook niet wat de oorzaak is
van heteroseksualiteit.
Klopt alles wat er over hen gezegd wordt?
“homo’s gedragen zich verwijfd. Lesbiennes
lopen er onelegant en onverzorgd bij. Balletdansers zijn altijd zo en de meeste verplegers
en kappers natuurlijk ook. Lesbiennes zijn feministische mannenvreters en homo’s
vrouwenhaters. Holebi’s geven meer geld uit buitenshuis dan gewone gezinnen. In een
homokoppel speelt er één de man en één de vrouw. Lesbiennes vrijen zelden. Holebi’s
zijn kunstzinnig en cultureel. Homo’s zijn gevoeliger dan de doorsnee mannen…
Er wordt
heel wat gezegd of gedacht over holebi’s . In hun algemeenheid zijn deze stellingen
onwaar. Het zijn vooroordelen, clichés, stereotypen, het zijn mythes. Het zijn beweringen
die niet kunnen bewezen worden en meestal gewoon vals zijn.